Paragraaf 7Opdracht 46 Oefentoets
Open vragen
1. In popmuziek zit heel veel levensbeschouwing verborgen. Leg dit uit aan de hand van de artiesten.
2. Wat is muziek en welke aspecten spelen een rol?
3. Noem dier voorbeelden van rituelen bij popconcerten.
4. Op welke manier wordt duidelijk wat de levensbeschouwing is van een artiest?
5. Wie was Mahalia Jackson?
6. Punk is een protestbeweging in de muziek. Leg dat uit.
7. Wat bedoelen we met zakelijke taal?
8. Geef een voorbeeld van beeldende taal uit de volgende song van Gerard Joling en leg uit.
Een lied van Gerard Joling eindigt met:
“Je laat m’n bloed sneller stromen,
sinds ik jou tegen kwam.
Dit had ik nooit durven dromen.
Voor jou staat heel m’n hart in vuur en vlam.”
9. Hier volgen drie zinnen met beeldende taal. Maak met behulp van het schuingedrukte woord een zin met zakelijke taal.
a. Die twee broers zijn uit hetzelfde hout gesneden.
b. De jongens gedroegen zich als beesten.
c. Kijk toch uit je doppen!
10. Lees op songteksten.nl de tekst van het nummer Little star van Madonna (album: Ray of Light). Lees tevens de vertaling op songteksten.nl
In de song zingt zij over haar pasgeboren kind.
Schrijf minimaal drie beeldende woorden (of groepen beeldende woorden) op die in de tekst van Madonna staan. Geef ook aan waar deze (groepen) beeldende woorden naar verwijzen. Maak dus bij elke beeldend woord (of bij elke groep beeldende woorden) een ‘vertaling’.
Beeldend woord Vertaling
a. - -
b. - -
c. - -
Multiple-choice vragen: goed of fout
Geef aan of de volgende uitspraken goed of fout zijn. Let op: alleen ‘goed’ of fout’ noteren!
1. AI speelt al langer een rol bij streamingdiensten van muziek.
2. Levensbeschouwing heeft niets met popmuziek te maken.
3. House is een muziekstijl met een christelijke kijk op het leven.
4. Gospel is ontstaan in de USA.
5. Rituelen kom je ook in de muziekwereld tegen.
6. Met zakelijke taal bedoelen we de taal die in de kerk of de moskee gesproken wordt.
7. Een voorbeeld van zakelijke taal is: ‘Waar ligt de smartphone?’
8. Een voorbeeld van zakelijke taal: ‘Dat kun je op je klompen aanvoelen.’
9. Een voorbeeld van beeldende taal: ‘Moskou is de hoofdstad van Rusland.’
10. In onze samenleving komt beeldende en zakelijke taal voor.
Antwoorden op de open vragen
1. Artiesten hebben door hun uiterlijk een eigen kenmerkende stijl. Die eigen stijl laat ook iets zien van iemands levensbeschouwing. Denk bijvoorbeeld aan T-shirts met een duidelijke (protest)boodschap. Verder geven artiesten soms hun mening over bepaalde zaken.
2. Muziek is een combinatie van klanken van muziekinstrumenten en de menselijke stem. Muziek heeft verschillende aspecten: geluidssterkte, ritme, melodie en ook stilte.
3. Fans die meezingen, meedansen, brandende aanstekers in de lucht steken en crowdsurfen.
4. Door zijn haardracht, kleding, sieraden en tatoeages een eigen stijl. Die stijl laat iets zien van de levensbeschouwing van de artiest.
5. Ze was de ‘koningin van de gospel'. Op verzoek van Martin Luther King zong zij bij een massademonstratie tegen rassendiscriminatie. Dat was in Washington in 1963.
6. Het begon als een kritiek op de braaf geworden commerciële popmuziek in de vorige eeuw. De teksten zijn kritisch op de maatschappij.
7. Zakelijke taal is taal die de dingen letterlijk beschrijft. Het is ook onpersoonlijke taal. Je geeft de feiten precies weer en laat allerlei gevoelens weg. Zakelijke uitspraken zijn maar voor één uitleg vatbaar.
8. De laatste zin moet je niet letterlijk nemen. Het is beeldende taal! Het beeld heeft een bepaalde betekenis: je bent ontzettend verliefd op iemand, je houdt heel veel van iemand, je hebt warme gevoelens voor iemand. Als iets in vuur en vlam staat, geeft dat ook heel veel warmte. Het beeld van ‘vuur en vlam’ (met de bijbehorende warmte) gebruikt Gerard Joling om aan te geven hoeveel hij van die ander houdt.
9. a. Het is een kunstwerk van hout.
b. De beesten liepen allemaal in de wei.
c. Tijdens het concert deed hij de doppen in zijn oren.
10.
Beeldend woord Vertaling
a. sterretje lieveling
b. vlinder onschuldig kind
c. schat een lieverd
Antwoorden op de meerkeuze vragen
1g, 2f, 3f, 4f, 5g, 6f, 7g, 8f, 9f, 10g.